Navigate / search

Hersenkneuzing, Andrea Willemsen

Speciale prijs: Euro 7,50 inclusief portokosten (i.p.v. Euro 18,95).
Wanneer u het boek ontvangt, is daar de factuur bijgevoegd.

Drs. Andrea M.A. Willemsen (Amsterdam, 1946) was bestuurskundig onderzoeker. Door een aanrijding werd zij 100% arbeidsongeschikt. ‘Na mijn ongeluk gingen we op zoek naar een boek over hersenletsel. Tot onze verbazing was dat er niet. Daarop besloot ik het zelf te schrijven.’

Na het oprichten van de Stichting Contusio Cerebri Fonds zet Willemsen zich in voor lotgenoten en professionals via de website www.hersenkneuzing.nl.

Andrea Willemsen maakte een fietstochtje met haar man toen ze door een tegemoetkomende bromfietser werd aangereden, een zware hersenschudding, luidde de eerste diagnose. Maar jaren later wordt ze nog altijd ernstig in haar functioneren belemmerd.
In Hersenkneuzing beschrijft ze van binnenuit haar ervaringen met contusio cerebri.

“Het boek leest als een trein.”
De Telegraaf

“ook voor niet-betrokkenen is Hersenkneuzing lezenswaardig nuchter, soms navrant geestig.”
Opzij

Datum: Januari 2016:
Omschrijving I:
“Dank voor de door jou gedeelde ervaringen en kennis in het boek Hersenkneuzing, Andrea”
Omschrijving II:
“Waanzinnig dank voor dit verhelderende boek”.

Voorwoord

Met een voorwoord van prof. dr. J.M. Minderhoud, emeritus hoogleraar Neurologie (Academisch Ziekenhuis Groningen), adviseur van de Stichting Contusio Cerebri Fonds, lid van de begeleidingscommissie van de Nederlandse Hersenbank en vertegenwoordiger van de wetenschappelijke raad MS.

-Prof. dr. J.M. Minderhoud schrijft in het voorwoord:

“Voor degenen die met de gevolgen van hersenletsel verder moeten is het belangrijk te weten hoe dat moet. Men spreekt van “coping”. Daarom is het van belang dat mensen die zelf een dergelijk ongeval hebben gehad (…) vertellen hoe (…) hun leven veranderde en hoe ze ermee om konden gaan”.

en

“Met het boek “Hersenkneuzing” heeft Andrea Willemsen niet alleen andere mensen met een hersenletsel een grote dienst bewezen, maar ook behandelaars, artsen en paramedici, duidelijk gemaakt hoe ingrijpend een leven kan veranderen”.

-Prof. dr. J.M. Minderhoud heeft tevens aan de totstandkoming van de folder: “Hersenschudding en hersenkneuzing” meegewerkt:

“Vooral kinderen en jonge mannen lopen het risico slachtoffer te worden van een ongeval. De kans dat ze een hersenschudding of hersenkneuzing oplopen, is daarmee groter dan gemiddeld. Piekleeftijden liggen rond de vier jaar, tussen twaalf en achttien, en tussen twintig en 35.(…) Bij ouderen kunnen lichte ongevallen soms ernstige gevolgen hebben”.

en

“Cijfers:
Hersenschudding: 85.000 patiënten per jaar, 13.000 van hen komen in het ziekenhuis terecht.
Jaarlijks worden in Nederland 30.000 patiënten met hersenkneuzingen in het ziekenhuis opgenomen; 20% van hen kampt met ernstige restverschijnselen”.

en

“Onzichtbare hersenaandoeningen:
Net als bij veel hersenaandoeningen zijn de gevolgen van een hersenschudding of -kneuzing aan de buitenkant niet te zien.
De patiënt “oogt” vaak normaal (…) Dat leidt nogal eens tot onbegrip van de omgeving van de patiënt”.


U kunt het boek bestellen door onderstaand formulier in te vullen. De kosten van het boek zijn € 7,50 inclusief verzending. De opbrengst van de boekverkoop komt volledig ten goede van de Stichting CCF. De factuur wordt met het boek meegezonden.

* Verplicht veld


Recencies over het boek “Hersenkneuzing”

Overzicht van boekbesprekingen en interviews uit Diverse Dagbladen, (vak)tijdschriften, nieuwsbrieven, radio en tv. in Nederland en Belgie enz. over het boek “Hersenkneuzing” van Andrea Willemsen, Uitgeverij De Geus. ISBN 90 5226 636 0:

In: Neuropraxis, neurowetenschappen in praktijk:

“…..drs. Andrea M.A. Willemsen beschrijft van binnenuit de ervaringen van iemand die lijdt aan ‘contusio cerebri’. Dit persoonlijk document is (…..) ook bedoeld voor een ruimer lezerspubliek waartoe professionele hulpverleners behoren. De netto-opbrengst van het boek gaat naar de Stichting Contusio Cerebri Fonds, die zich (beleidsmatig) zal inzetten voor verkeersslachtoffers met traumatisch hersenletsel……”

In: Medisch Contact:

“….In ‘Hersenkneuzing’ dat begon als een reeks aantekeningen om het schrijven en denken weer onder de knie te krijgen en om weer contact te krijgen met haar man, beschrijft Andrea Willemsen de ervaringen van iemand die lijdt aan contusio cerebri”…..

In: AO-boekje: ‘De gevolgen van hersenkneuzing’ o.r.v. de Hersenstichting Nederland:

Aan deze uitgave werkten naast drs. R. Prop, stafmedewerker HsN mee: mr.drs. H.H. Stad, advocaat/anestesioloog, mr. J.M. Tromp, letselschade-advocaat en Andrea Willemsen.

In: Nieuwsbrief van het Landelijk Coordinatiepunt Niet-aangeboren Hersenletsel:

……..”Het is niet alleen geschreven voor direct betrokkenen, maar beoogt tevens een ruimer lezerspubliek waartoe ook de professionele hulpverleners behoren”…….

In: Nieuwsbrief van de Vereniging Verkeersslachtoffers:

….”een aandoening waarover wel medische informatie op te zoeken is, maar vanuit de patient is er geen literatuur bekend”…..

In: Opzij:

…”Ze is ervan overtuigd dat verkeersslachtoffers zoals zij de zwarte schapen van de traumatologie zijn; voor neurologen valt er geen eer aan te behalen. …..Maar ook voor niet-betrokkenen is ‘Hersenkneuzing’ lezenswaardig…….Nuchter, soms navrant geestig”.

In: Vrij Nederland;

“….De revalidatiearts en -psycholoog bij wie ik anderhalf jaar na het ongeluk terechtkwam waren de eersten die mijn klachten niet vreemd vonden”………….

In: Cerebraal nieuws:

“…..Enorm boeiend…Vele herkenningspunten……Aan het einde wordt de wens uitgesproken dat iedere patient met een hersenkneuzing na de ziekenhuisperiode verwezen wordt naar een revalidatiecentrum voor hulp en advies. Ik sluit me hierbij van harte aan! ”

In: Het Parool:

“Het is noodzakelijk dat de samenleving zich realiseert hoe ernstig een hersenkneuzing kan zijn.En iedereen kan er mee te maken krijgen. Getallen zeggen niet zoveel, maar als je je bedenkt dat het gaat om evenveel mensen als er in 50 vliegtuigen kunnen, realiseer je je ineens hoe groot het probleem is. Goede begeleiding door deskundigen is essentieel voor patienten die uit het ziekenhuis komen, omdat dan de problemen pas goed beginnen. En op dit moment ontbreekt het daar nog aan bij 98 procent van de mensen met een hersenkneuzing.

Tegen de jonge man die tegen haar botste werd tot haar verbijstering niet eens proces verbaal opgemaakt. In haar boek pleit ze ervoor dat veroorzakers van verkeersdelicten een deel van hun inkomen afstaan aan een goed doel dat verband houdt met hun delict. Zodat ze zich goed realiseren hoe ingrijpend ze het leven van al die mensen in een klap hebben veranderd.

In: Trouw:

Ze heeft zo langzamerhand geleerd hoe ze haar leven leefbaar kan houden. Gezellig vrienden ontvangen en daar onbekommerd de tijd voor nemen , dat kan ze niet. “Ik ben zeer afgemeten geworden”, zegt ze. Zelfs toen haar zoons afstudeerden, moest ze verstek laten gaan. Ze houdt van afzondering, van buiten zijn, van stilte. Oordoppen en zonnebril heeft ze altijd voor het grijpen. Want de wereld is een dekselse keet, heeft ze ontdekt. “Laatst zei ik dat ik nooit naar een bejaardenhuis of een verpleeghuis kan. Daar zijn veel te veel geluiden en bewegingen. En het is er vooral veel te heet. Hitte kan ik niet verdragen, dan hang ik de hele dag als een slappe stroopwafel in mijn stoel”. Ze zei het gekscherend. Maar ze meende het echt.

In: De Volkskrant:

“Op dezelfde dag, eveneens in Utrecht, overhandigt Andrea Willemsen het eerste exemplaar van haar egodocument Hersenkneuzing aan Pieter van Vollenhoven, voorzitter van het Fonds van Slachtofferhulp Nederland. Willemsen, een bestuurskundige die werkte aan een dissertatie over verkeersveiligheid, werd in 1990 op de fiets aangereden door een bromfietser. Sinds het ongeval zijn haar hersenen onherstelbaar beschadigd. Ze lijdt aan contusio cerebri, een hersenkneuzing. (“In mijn hoofd is het snelle schakelmechanisme, de wend- en keerbaarheid van mijn gedachten, veranderd in een trage, krakende versnellingsbak.”)
Omdat speken voor haar een zeer uitputtende bezigheid is geworden, haar toehoorders geen geduld hebben om haar uitwijdingen aan te horen en ze dus geen zin meer heeft haar spaarzame energie daaraan te besteden, is Willemsen over haar lot gaan schrijven.”

In: Management Consultant Webmaster

(http://managementconsult.profpages.nl) ..In het tweede deel beschrijft ze haar zoektocht in het medische, het verzekeringstechische en het strafrechtelijke circuit. Daarbij komt zij tot indringende diagnoses en innovatieve beleidsvoorstellen. Het is schrijnend om te lezen hoezeer in Nederland de dader al snel in een slachtofferrol valt, en het slachtoffer in de rol van dader. En hoe verzekeringsinstanties werkelijk hun uiterste best doen om vooral niet uit te keren, waar het slachtoffer recht op heeft. En dat is stof tot overpeinzingen voor adviseurs die juist dit soort instanties bedienen met adviezen: laat de menselijke maat nou eens ook echt de menselijke maat zijn!

In: Eindhovens Dagblad:

“Ze voert een dapper gevecht, dat ze nu in grote lijnen in ‘Hersenkneuzing’ te boek heeft gesteld. Niet alleen wordt de bromfietser door haar ter verantwoording geroepen en de verzekering van repliek gediend, maar ze plaatst haar eigen leed in een breder kader. Daardoor is ‘Hersenkneuzing’ meer dan het verhaal van een benadeelde patiënt. Het is een maatschappelijke aanklacht die gehoord moet worden. En een serieus antwoord verdient.

In: Libelle:

.In het eerste deel van haar boek beschrijft ze hoe haar leven veranderde en hoe daardoor ook de mensen die haar lief zijn beschadigd raken..In het tweede deel van het boek komen de juridische en financiële aspecten van ongelukken als dat van haar aan de orde

In; Aanzet:

Na het lezen van dit boek weet je precies wat het kan inhouden om te leven met hersenletsel. Andrea Willemsen is niet bang en niet kleinzerig, ze zegt wat ze op haar lever heeft en daarbij ontziet ze niemand, ook zichzelf niet.

In: Ode:

Want het boek Hersenkneuzing is een moeizaam zoeken naar een nieuwe vorm van leven voor iemand die maatschappelijk geslaagd was.Het oppakken van het ‘oude leventje’ was onmogelijk. Ze weigerde om de telefoon aan te nemen; ze zag zich belemmerd in haar mogelijkheden om het meest menselijke en geaccepteerde expressiemiddel, de taal, te gebruiken.

In: Goed Gevoel:

“een bijzonder moedig en vaak ontroerend boek”.

In: Handiscoop:

Dit boek zou ook moeten gelezen worden door iedereen die graag ‘sportief’ rijdt of af en toe met een glaasje te veel achter het stuur van de auto kruipt. Ongevallen met dergelijke gevolgen zou niemand op zijn geweten mogen hebben.

In: Nieuwsbrief van de VNVA (Vereniging voor Nederlandse Vrouwelijke Artsen):

Het is een boeiend boek, door de eerlijke manier waarop de auteur alle moeilijkheden heeft beschreven en alle methodes om hiermee af te rekenen.

In: Vrije Vogel, Fietsersbond enfb:

U hebt een deel van uw boek gewijd aan de juridische afhandeling. Waarom?. Er komt een papieren lawine over je heen. En heel wat relaties lopen daar onnodig op stuk. Als je geen partner hebt en je ligt voor pampus met een gekneusd hoofd, dan kun je een waardige juridische afhandeling wel vergeten. Ik wilde mensen die hetzelfde overkomt zoveel mogelijk steunen

In: Tijdschrift voor Geestelijke Gezondheid:

want Willemsen heeft gelijk dat er bij een verkeersongeluk proces-verbaal moet worden opgemaakt, (…) en dat een professionele zaakwaarnemer zeer nuttig kan zijn.

In: De Telegraaf: Column van Prof. Dr. B. Smalhout:

‘Hersenkneuzing’ is een uitstekend leesbaar boek… en …Het is een aanklacht tegen de onachtzaamheid van vele instanties, waaronder dokters en juristen…. …Het boek leest als een trein… en ….het is voortreffelijk samengesteld…

In: GezondheidsNieuws, juni 2001:

“Op feestjes ben ik de grote afwezige. Zoveel lawaai en mensen om me heen is me teveel. Ondanks verschillende pogingen zal ik nooit meer de oude worden. Toch blijf ik vechten om niet alles kwijt te raken vanwege zo’n stom verkeersongeluk”.

Korte aankondigingen in:

  • Verpleegkunde Nieuws,
  • Tijdschrift Psychologie
  • Medicina
  • Beter

Radio en TV: interviews over het boek ‘Hersenkneuzing’:

  • Radio M, (Midden Nederland):
    interview met auteur Andrea Willemsen
  • Radio Nederland Wereldomroep:
    interview met auteur Andrea Willemsen
  • TV Hart van Nederland:
    (interview met Prof. Van Ree, (HsN) en interview met auteur Andrea Willemsen)
  • TV Ontbijt-tv:
    (interview met auteur Andrea Willemsen)

Lotgenoten over het boek “Hersenkneuzing”

Wat kan het boek ‘Hersenkneuzing’ betekenen voor lotegenoten met een hersenaandoening?

Een opmerkelijk feit is de er zowel lotgenoten reageren die een jaar geleden geconfronteerd werden met hersenletsel als lotgenoten die 25 jaar geleden slachtoffer werden.

Enkele lotgenoten over het boek ‘Hersenkneuzing’ van Andrea Willemsen:

“Ik heb uw boek gelezen en was van het begin tot het eind een en al herkenning. Ik, die me jarenlang een buitenbeentje heb gevoeld, totaal onbegrepen, en dus de fout bij mezelf zocht, vond ineens een heel stuk herkenning en erkenning. En ook nu na al die jaren geeft dit boek me een heel goed gevoel en een bepaalde zekerheid dat ik dus geestelijk niet in de war was, maar dat alle klachten dus toch “echt” waren en niet psychosomatisch vanwege de shock, zoals ze het in het ziekenhuis benoemden”.

*** hersenletsel door een sportongeval

“Na het lezen van ‘Hersenkneuzing’ kan ik niet nalaten u te schrijven. Het is een mooi geschreven boek, maar wat zo gek is, is dat het mijn leven beschrijft. Het is bijna eng om te lezen zoveel overeenkomsten er zitten in uw leven en het mijne. Het leven is en blijft een zoektocht. Uw boek helpt daarbij. Het had me al snel in zijn greep, bij mijn keel en bij mijn hart. Het boek geeft me kracht om me niet in een hoekje te laten drukken van overspannen, zielig, het niet aankunnen.
De medische wereld. De heren laten je vallen waar je bijstaat. Technies is alles weer in orde! Dat je leven helemaal op zijn kop omgedraaid binnenstebuiten is: zoek dat zelf maar uit”.

*** een hersenbloeding, een hersenoperatie en een beroerte

“Erkenning dus, erkenning van mijn grote vermoeibaarheid, mijn altijd aanwezige hoofdpijn, mijn nooit meer kunnen functioneren in mijn beroep. Geen enkele begeleiding, bevestiging en/of erkenning van mijn klachten kreeg ik. Ik heb het allemaal zelf uit moeten zoeken, vandaar nog steeds mijn immense behoefte aan erkenning: dat het klopt wat ik voel(de)”.

*** een hersenkneuzing door verkeersongeluk

“Het was een totale herkenning. De incompetentie van artsen, het totale gebrek aan begrip en kundigheid”.

*** een hersenkneuzing door verkeersongeluk,

“Een vriendin heeft voor mij het boek ‘Hersenkneuzing’ gekocht en samengevat, want ik kan zelf nog amper lezen. Zij vatte precies die klachten samen die ik ook heb”.

*** een hersenkneuzing in combinatie met een gebroken nek door verkeersongeluk,

“Met heel veel interesse en vooral ook mededogen heb ik uw boek ‘Hersenkneuzing’ gelezen. …..Dit boek zou eigenlijk onder ogen moeten komen van iedereen die zich een brommer aanschaft! ….. Er komen in uw boek ook zulke herkenbare factoren voor, zoals de verhouding met uw echtgenoot”.

*** een hersenbeschadiging door verkeersongeluk


 Spiegeltje, spiegeltje aan de wand.

Het boek “Hersenkneuzing” van Andrea Willemsen heeft veel losgemaakt. Er is de mensen een spiegel voorgehouden. Wie hebben in die spiegel gekeken? Lotgenoten van Andrea. Misschien ook een enkele hulpverlener? In ieder geval heeft het boek een discussie over het onderwerp hersenkneuzing in gang gezet, in de openbaarheid gebracht en daardoor dichter bij de mensen.
Ik, Dieuwke van Esveld-Plugge interviewde daarover een vijftal ‘lotgenoten’.

Alle vijf doodgewone mensen, zoals u en ik. Of toch niet? Eén van de vijf, een leuke jonge vrouw doet open, “komt u binnen, gaat u zitten, wilt u wat drinken?” Allemaal doodnormaal, maar je weet dat ze niet kan werken en dus: wat is er aan de hand?
De vijf zijn allen verkeersslachtoffers. Aangereden bij het naar school fietsen, betrokken bij een auto-ongeluk, geschept bij het uitlaten van de hond of frontaal in botsing gekomen met een brommer. Eén moment van onachtzaamheid (de schuldvraag lost niets op) en je wordt een ander mens of – zoals iemand het uitdrukt- levenslang gestraft.

De meeste liggen korte of langere tijd in coma al dan niet in combinatie met andere fysieke letsels zoals botbreuken, nekbeschadigingen e.d. Allen voelen zich na het ontwaken verward. Eén herkent op 31 december – 10 dagen na het ongeval- opeens een oliebol die naast haar bed staat, een ander spreekt na het wakker worden louter Engels. Nummer drie voelt zich geheel apathisch en heeft nergens zin in. Er is sprake van depressie, emotie, agressie, onrust, passieve suïcide, kortom er is verandering in gedrag. “Waar mag ik hier gaan zitten?” vraagt één van de slachtoffers bij thuiskomst. Hij moet alles weer opnieuw aanleren, ook de simpelste zaken zoals bijv. koffie- en theezetten.

Maar ze willen allemaal toch weer iets van hun leven maken. Zich afvragend of ze ooit het oude niveau weer kunnen bereiken, beginnen ze aan studies en vervolgopleidingen. Dat gaat in de meeste gevallen aardig goed. Zevens en achten op de rapporten, een stage in Ecuador, een bezetenheid om te werken. De sollicitaties beginnen. Weer aan het werk! Maar het is helaas van korte duur; de baan blijkt te zwaar, de concentratie ontbreekt, de emotie viert hoogtij, de faalangst groeit en men kan het werk niet aan. De kennis is aanwezig maar niet de manier om daar goed mee om te gaan.

Dan barst de bom. Ontslagen!, of zoals iemand zegt: “einde oefening”. Geen enkele baan lukt meer. In veel gevallen besluit men een stapje terug te doen. Iemand verwoordt het als volgt: Je wil beter en ‘normaal’ worden, geen patiënt meer zijn, je wil er voor vechten maar ze begrijpen je niet en je bent zo vlug moe; je kunt niet opbrengen wat van je verlangd wordt.
Je blijft emotioneel kwetsbaar waardoor je geen rem hebt en geen grenzen kunt stellen, je krijgt het gevoel niet begrepen te worden. Je bent traag met het verwerken van nieuwe prikkels en durft bepaalde dingen niet alleen te doen. Het is niet makkelijk een stapje terug te gaan. Het geeft je een gevoel van onzekerheid en je voelt je “zoekende”.

Hoe denken de slachtoffers zelf over hun verdere leven?

“Toch komt de levenslust beetje bij beetje terug, maar het ongeval vond dan ook 7 jaar geleden plaats!”

“Ik heb nu een stabiel leven dat erg beperkt en klein is. Ik weet dat ik niet verder kan uitgroeien maar vind toch geluk in dit huidige bestaan”.

“Ik ben superactief maar ik functioneer niet goed, ik ben bang dingen te vergeten of fout te doen en ik wil niet accepteren dat ik een stapje terug moet. Ik ben steeds zoekende..”.

“Na ongenuanceerde aanvallen (agressie) heb ik mezelf weer onder controle, hou erg van de natuur en ga elke week naar bijeenkomsten. Maar mee op excursie kan ik niet, dat is te zwaar”.

“Fysiek ga ik beter vooruit dan mentaal. Ik slaap twee keer per dag. Na alle eerdere mislukkingen denk ik nog niet echt aan werk maar ik hoop toch weer eens te beginnen. Steun vind ik vooral via Internet.”.

Hoe speelt de medische wetenschap in op al deze situaties?

Zodra de slachtoffers ontwaken uit hun coma valt al gauw de term contusio cerebri (hersenkneuzing) met uitzondering van één geval waar dit verband pas 20 jaar later wordt vastgesteld. Behandeling en begeleiding worden verschillend gewaardeerd door de slachtoffers. Hun eerste gedachte is dat de dames en heren medici hen wel zullen genezen. Dit geldt meestal wel voor het fysieke deel; traumatisch hersenletsel ligt echter in een andere orde van grootte. En dan begint het gesjouw langs allerlei hulpverlenende instanties. De bevindingen lopen nogal uiteen. Daar ook hier vele wegen naar Rome leiden is de aanpak voor ieder verschillend.

Enkele meningen op rij:

Het psychotherapeutisch circuit geeft wel enig soelaas maar is vaak tamelijk technisch ingesteld: testen, testen en nog eens testen en dat allemaal om bijv. het geheugen te verbeteren. Maar daar zit het hem niet in.

Het revalidatiecentrum wordt door de één als ‘vreselijk’ ervaren zonder enige neuro-psychologische nazorg terwijl een ander juist vindt dat ze hier de begeleiding krijgt waar ze wat aan heeft.

Slachtofferhulp wordt uitgedragen door zeer gemotiveerde mensen maar is niet direct gericht op traumatisch hersenletsel. Als emotionele ondersteuning echter zeer prettig.

Eén van de vijf, agressief en stuurloos, vindt uiteindelijk steun bij het RIAGG, evenals bij haar huisarts.

Ook heeft iemand moeilijkheden met haar ARBO-arts. Ze zit in de WW en wil graag overstappen naar de WAO maar de arts vindt dat ze volledig kan werken. Hij wil tastbare bewijzen dat ze voor de AOW in aanmerking komt. En hoe geeft een hersenkneuzingspatiënt die aan ?

Mijn conclusie is dat de goegemeente zich vaak onvoldoende realiseert dat het getoonde gedrag bij een hersenkneuzing (contusio cerebri) hoort. In ieder geval zouden de (lange termijn) gevolgen ervan (h)erkend moeten worden, door de naaste omgeving, door de hulpverleners en ook door de partner. Dat laat in veel gevallen nog te wensen over; er is onvermogen om goed te reageren.

De opgewekte jonge vrouw die me opendeed is moe geworden van het gesprek. In een andere situatie was het frustrerend en belastend te horen dat het interview ertoe leidt dat de geïnterviewde daar weer een dag van moet bijkomen. Dat houdt in: een dag in bed. Zijn het dan allemaal kasplantjes geworden? Misschien wel, voor een deel althans; ze hebben echter allemaal- zonder uitzondering- een stevige stam. Die moeten we goed verzorgen zodat ze zover mogelijk kunnen uitgroeien. Begrip opbrengen voor de situatie is al een hele steun, er op inspelen nog beter! Dit geldt zowel voor de naaste omgeving, als voor de hulpverleners en beleidsmakers.
Spiegeltje, spiegeltje aan de wand…

Leave a comment

name*

email* (not published)

website